Uber

Zonder Uber zou mijn bewegingsvrijheid in de binnenstad van Johannesburg, het CBD, een stuk beperkter zijn. De taxi- app stelt me in staat me snel, veilig en goedkoop te verplaatsen door Joburg. De openbaar vervoer infrastructuur (de bus) komt maar moeizaam op gang, wat vermoedelijk niet alleen te maken heeft met het hectische verkeer in de smalle straten, maar ook met een bestuurlijk tekort. Het enige (semi-)openbaar vervoer van betekenis is het systeem van mini- of combitaxibusjes die er ondanks hun alomtegenwoordigheid niet in slagen de enorme hoeveelheid forenzen in dit deel van de stad snel te absorberen. Tussen drie en vier uur ’s middags (de werkdag begint hier zeker een uur eerder dan in Nederland) ontstaan op straat lange slierten van mensen die geduldig wachten tot ze samengeperst worden in de busjes die berekend zijn op zo’n zestien passagiers, maar in de praktijk vaak veel meer mensen vervoeren. De minitaxichauffeurs zijn berucht om hun roekeloze rijstijl en hun lichtontvlambaarheid. In hun haast om zoveel mogelijk betaalde ritjes te krijgen, negeren ze stoplichten en verkeersborden en dwingen ze overal voorrang af. Ik ben regelmatig getuige van luidruchtig met elkaar ruziënde chauffeurs en er worden geregeld schietincidenten gemeld. De minitaxichauffeurs dulden geen concurrentie, waaronder Uber. Onlangs klaagde een Uber chauffeur tegen mij dat minitaxichauffeurs hem regelmatig intimideren. Weliswaar zijn Uber taxi’s niet herkenbaar aan een bedrijfsnaam, maar iedereen kent de op het dashboard geklemde iPhone die Uber haar chauffeurs verplicht stelt, vertelde hij.

Verhalen

Behalve een efficiënt vervoersmiddel, is Uber voor mij een prima bron van lokale en regionale kennis en een eenvoudige manier om contact te maken met mensen die ik anders misschien niet zo snel zou spreken. Chauffeurs zijn zonder uitzondering African en veelal migranten vanuit het hele continent. In de vaak korte gesprekjes hoor ik veel verhalen over hun leven. Meer of minder spraakzaam, geven ze mij een inkijk in een perspectief op de wereld dat niet het mijne is, omdat ik nu eenmaal radicaal anders gesitueerd ben dan zij. Politiek gevoelige onderwerpen snijd ik niet uit eigen beweging aan, maar Uberchauffeurs zijn andersom vaak verbazend open en minder politiek correct dan veel Afrikaners. ‘Ha, nakomelingen van de voormalige onderdrukker!’, merkte een chauffeur eens opgeruimd op toen hij vernam dat mijn partner M. en ik uit Nederland komen (later volgt nog een blog over politieke correctheid).

Grond

Veel chauffeurs hebben heimwee naar een thuis, dat niet in Johannesburg is. Als economische hub van Zuid-Afrika, is de provincie Gauteng (waarin Johannesburg en Pretoria liggen) een magneet voor arbeiders uit het hele land en van over de grenzen heen (Zimbabwe, Lesotho, Mozambique)⎯om als ze genoeg geld hebben verdiend bij voorkeur weer terug naar huis te gaan. In de praktijk betekent dit dat met name mannen vaak voor langere tijd van hun gezin weg zijn, en hun kinderen slechts sporadisch zien. Een chauffeur vertelde dat hij er verdrietig over is dat hij zijn 11-jarige dochter in KwazuluNatal hoogstens eens per drie maanden ziet. De chauffeurs die wonen in de voormalige townships van Johannesburg, Soweto voorop en in mindere mate Alexandra, lijken het meest tevreden over hun leven en oprecht trots op hun gemeenschap. Land, afkomst, familie en⎯dit laatste ben ik mij pas laat gaan realiseren⎯stam worden unaniem als bronnen van identiteit en waardigheid genoemd. Bloed en grond (territorium) dus, categorieën die ik als kritisch politiek filosoof eigenlijk wantrouw vanwege het mechanisme van uitsluiting (en insluiting) dat daarin ligt besloten. Een Uberchauffeur vertelde onlangs dat in zijn ogen Afrikaners (de grootste witte minderheidsgroepering) geen cultuur hebben, omdat ze geen eigen land zouden hebben. Hij vervoerde eens een wit stel dat Engels met elkaar sprak, waardoor het voor hem even duurde dat hij door had dat ze beide Afrikaners waren. Op zijn verzoek spraken ze toen even Afrikaans, omdat hij graag alle officiële talen in Zuid-Afrika wil leren, maar daarbij voelden ze zich ongemakkelijk en ze waren al snel weer overgeschakeld op het Engels, de taal waarin ze gewoonlijk met elkaar communiceerden. Voor onze chauffeur bevestigde dat maar weer eens dat Afrikaners geen cultuur hebben waarop ze trots zijn. Zonder duidelijke aanleiding deelde een andere Uberchauffeur me mee: “Zulu’s doen altijd moeilijk en maken overal ruzie over. Venda’s zijn veel geduldiger en klagen nooit over hun salaris. Daarom huurt de overheid zoveel Venda’s in.” So much voor Pan-Afrikanisme, het ideaal van het continent (en de diaspora) omspannende solidariteit tussen zwarte mensen.

Informant

Sinds ik in het CBD woon, draait de informantenrol zo nu en dan ook wel eens om. Dat M. en ik hier wonen, roept onveranderlijk verbazing en ongelovigheid op. Hoewel er de laatste jaren veel ten goede is veranderd, staat de buurt als ruig bekend. Waarom we niet verhuizen naar Sandton (een glimmende dure buitenwijk)? Een oudere chauffeur bekijkt wat hij ziet misprijzend. Vroeger, in zijn jeugd, was deze wijk schoon en netjes. Wat hem betreft walsen ze de hele boel plat (waarmee hij ironisch genoeg een klassieke Afrikaner manier om van ongewenste bevolkingsgroepen af te komen herhaalt). Maar nu al een aantal maal vroeg een chauffeur ons of we geen leuke betaalbare woonplek in de wijk kennen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s