Dwingende dingen. Of: arbeid bevrijdt: een murder mystery

Dingen hebben actorschap. Ze kunnen ruimtes toe-eigenen, mensen activeren, afschrikken, reguleren, in een andere richting sturen of remmen. De openbare ruimte wemelt, vaak verholen achter bloemen en planten, van zulke actieve dingen. Ook in huis en op kantoor leggen spullen ons misschien sterker hun wil op dan wij hen. ‘Wis de sporen uit!’, schreef Walter Benjamin daarom in 1933. Omdat ze oververzadigd zijn van ervaringen en verhalen, maken prullaria ons zwaar en log. Vandaag schrijven veel mensen aan quasi-autonoom voortwoekerende en in elkaar klittende spullen – met andere woorden: troepvorming – het wonderbaarlijke vermogen toe energie te slurpen en productiviteit te remmen. ‘Ontspullen’ is geen kritiek op de consumptiemaatschappij.  Spoorloosheid past juist uitstekend in de neoliberale ideologie waarvan de onherbergzame flexwerkplek maar een zichtbare uiting is. Een materieel spoor trekken geldt daarin als een daad van verzet – die ondermijnd kan worden. Dit is een murder mystery over een verdwenen aksieposter. Plaats delict is een flexwerkplek op een universiteit.

Doorgaan met het lezen van “Dwingende dingen. Of: arbeid bevrijdt: een murder mystery”

Angst voor de menigte

Al zo lang ik me kan herinneren bezorgen menigtes me klamme handen. In de Goede Week realiseerde ik me dat dit niet is veroorzaakt door beelden van fascistische massabijeenkomsten, maar van de bloeddorst van de voormalige volgelingen van de Messias in Jesus Christ Superstar (1973). Maar is de menigte per se een veelkoppig monster, of zijn er voorbeelden van pluralistische groepen burgers?

685px-BWV_244_Incipit_Nr._59b_Laß_ihn_kreuzigen_II
Doorgaan met het lezen van “Angst voor de menigte”

Gestuntel, de beroepsfilosoof en de burger. Of: wie het laatst lacht, lacht het best

Hoe kan het toch dat filosofen in het dagelijks leven klunzen zijn, maar zodra ze de politiek ingaan zich nogal eens ontpoppen als engerds? Ik schreef dit blog naar aanleiding van het thema van de Maand van de Filosofie (april 2019), “Ik stuntel dus ik ben”.

Tenniel_Astrologer
Illustratie bij het verhaal van Thales die in een put valt in een fabel van de Griekse dichter Aesopos  (± 620-560 v.Chr.), illustratie door John Tenniel in een uitgave van de Fabels uit 1884

Doorgaan met het lezen van “Gestuntel, de beroepsfilosoof en de burger. Of: wie het laatst lacht, lacht het best”

Bram Fischer

Waarom dit verhaal, op dit moment? vroeg ik me voortdurend af bij het bekijken van Jean van de Veldes biopic over de Afrikaner advocaat Bram Fischer. Fischer verdedigde tijdens het Rivonia proces (Pretoria, 1963) Umkhontho we Sizwe (MK), de gewapende tak van het ANC en de SACP, de Zuid-Afrikaanse communistische partij. Bram Fischer vertelt nog eens het succesverhaal over de heroïsche strijd tegen Apartheid, ditmaal vanuit een wit (Afrikaner) perspectief.

trailer-bram-fischer
Doorgaan met het lezen van “Bram Fischer”

Afgunst

Komische horror (veel bloed) met een politieke lading. De moraal van Get Out: witte mensen zijn eigenlijk jaloers op zwarte en verzinnen ingewikkelde listen om zich de eigenschappen van de laatsten desnoods met geweld toe te eigenen (hier nogal letterlijk).

Get-Out-movie-song


  • Get Out (US, 2016, Regie: Jordan Peele). Draait sinds vorige week in bioscopen door het land.

Zelfverzekerd doch waakzaam. Of: de paradoxen van veiligheid

De Zuid-Afrikaanse samenleving is een angstfabriek. De misdaadcijfers zijn uitzonderlijk hoog en de angst voor fysiek geweld op straat wordt breed gedeeld. Zodra je gaat nadenken over veiligheid, buitel je van de ene paradox in de andere. De ogenschijnlijk tegenstrijdige adviezen ‘Be vigilant!’ en ‘Walk with confidence!’ vormen daarvan maar een voorbeeld. Van de filosoof Merleau-Ponty heb ik geleerd dat beperkingen van lichamelijke bewegingsvrijheid wat ik kan’ aantast, de flexibele lichamelijke vaardigheden die ons in staat stellen om om te gaan met wat de wereld van ons vraagt, in het licht van waar we mee bezig zijn. Het ‘ik kan’ is een belichaamde en praktische vorm van kennis. Wanneer de veiligheid van de openbare ruimte ernstig in gevaar is, overschaduwt het ‘ik kan niet’ het ‘ik kan’ en wordt de wereld kleiner. De ruimte die we met elkaar delen sluit zich steeds meer.

welcome to johannesburg_Lubach

Doorgaan met het lezen van “Zelfverzekerd doch waakzaam. Of: de paradoxen van veiligheid”